Project

Bodemherstel natuurgronden

Aanleiding

Vier leden van Water, Land & Dijken hebben met elkaar bijna 500 ha natuurgrond in gebruik. Deze gronden worden beheerd als natuurgrond met als doelstelling weidevogels. Het valt de vier ondernemers op dat het bodemleven van deze natuurgronden in de loop der jaren afneemt. Ook zien ze een toename van pitrus en andere niet gewenste kruiden op deze gronden. Daarom willen ze de komende jaren met elkaar onderzoeken hoe ze het bodemleven van deze natuurgronden kunnen verbeteren ten gunste van de weidevogels en de biodiversiteit.

Bodemanalyse in opdracht van provincie Noord-Holland

In 2023 is, dankzij financiering van provincie Noord-Holland,  de huidige conditie van de bodem bepaald. Aan de hand van uitgebreide bodemanalyses  (bodembalansanalyse, bioscan en chroma) is er een 0-meting uitgevoerd. Met de uitslagen van de bodemanalyse vond per bedrijf een adviesgesprek plaats met een onafhankelijk bodemadviseur.

Maatregelen uitvoeren

Na de bedrijfsbezoeken ontving iedere deelnemer een bodembehandelplan op maat. Met deze uitgebreide bodemanalyse en het onafhankelijk advies kunnen de vier natuurboeren gericht maatregelen nemen met als doel bodemherstel. Het uiteindelijke meerjarige doel is een bodem die meer in balans is. Dit is goed voor de biodiversiteit en weidevogels (veel bodemleven).

Bekijk de video waarin Joost en Dick uitleggen hoe zij te werk gaan:

Vervolg vanaf 2025 dankzij EIP-regeling

Dankzij goedkeuring van het projectplan (vervolgonderzoek) via de EIP-regeling, konden de vier leden sinds het voorjaar van 2025 door met het onderzoek om de probleemvegetatie op deze natuurgronden aan te pakken.

Factoren die invloed hebben op de kwaliteit van natuurgronden en daarmee op de weidevogels zijn: de bodemkwaliteit, de mestkwaliteit, het grondwaterpeil en de kwaliteit van de vegetatie.  Deze vier factoren zijn belangrijke puzzelstukken in de zoektocht naar verbetering van de natuurgronden.  De factoren houden verband met elkaar en hebben invloed op elkaar (zie onderstaande figuur). Door deze vier factoren integraal aan te pakken, kunnen de ondernemers inzicht krijgen op de maatregelen die bijdragen aan de gewenste kwaliteitsslag.

Vervolg bodembeheer

Er wordt een vervolg gegeven aan het bodembehandelplan waar al eerder mee gestart is. Door toediening van mineralen en schelpengruis op de geselecteerde percelen, worden er maatregelen toegepast om de bodem te verbeteren. In het laatste jaar van dit project zal er wederom een (uitgebreide) bodemanalyse plaatsvinden om te onderzoeken of de maatregelen effect hebben gehad.

Grondwaterpeil: peilbuizen plaatsen op natuurgronden

In februari 2026 zijn peilbuizen geplaatst om de komende tijd de grondwaterstand op enkele percelen te gaan monitoren. Omdat het (grond)waterpeil een belangrijke factor is voor de bodem- en vegetatiekwaliteit, willen we hier meer inzicht in krijgen. Bij de vaarlanden kan er bijvoorbeeld een gebrek aan zuurstof in de bodem zijn en op de andere gronden wellicht weer andere problemen met betrekking tot de waterhuishouding. Bij dit onderdeel van het project zijn het Nutriënten Management Instituut (NMI) en het kenniscentrum KTC Zegveld betrokken.

Vegetatieonderzoek

In mei 2026 worden op de geselecteerde percelen vegetatieopnamen uitgevoerd door een vegetatiedeskundige. Daarbij wordt de graslandtypering bepaald volgens de methode uit de veldgids ‘Ontwikkelen van kruidenrijk grasland’ (Schippers, 2025). De resultaten worden gekoppeld aan de bodemadviezen en mestanalyses en vervolgens teruggekoppeld aan de deelnemende agrariërs.

Mestkwaliteit

Onlangs zijn er ook mestmonsters genomen voor een analyse op de mestkwaliteit. Na deze analyse volgt er een advies voor verbetering van de mestkwaliteit.

Meer informatie

Heeft u vragen of wilt u meer weten over dit onderwerp? Neem dan contact op met projectleider Grada Kwantes, g.kwantes@waterlandendijken.nl.